Peter Stribos over zijn boek: 'Muziek verkopen deed je zo'

MUZIEK VERKOPEN DEED JE ZO

Peter Stribos stond vanaf zijn elfde jaar in de muziekwinkel van zijn ouders. Via de radio ontstond zijn liefde voor muziek en die passie is nooit meer weggegaan. Zijn ervaringen van veertig jaar werken in de muziek tekende hij op in het boek ‘Muziek verkopen deed je zo’. Wij spraken met de kenner, liefhebber, adviseur, verzamelaar en ex-verkoper.

WAAROM MOEST DIT BOEK ER KOMEN?
“Nadat ik niet meer werkzaam was in mijn geliefde muziekbranche, zat ik vol herinneringen, anekdotes en ideeën. Ik wilde daar wat chronologische ordening in brengen. Al gauw besefte ik dat het niet alleen mijn eigen verhaal was, maar dat van de hele branche. Ik zette mijn eerste schreden in 1965 in de elektronicawinkel van mijn ouders, toen de plaatverkoop net een serieus onderdeel van het winkelassortiment begon te worden. Na alle hoogtepunten van de jaren zeventig, tachtig en negentig was ik getuige van de langzame terugval van de muziekverkoop na de eeuwwisseling. De laatste tien jaar van mijn carrière, tot 2009, was ik medewerker van de keten Van Leest, dus kende ik beide benaderingen van de markt uit eigen ervaring. Kortom, genoeg redenen om mijn verhaal ‘breed te trekken’. In 2015 ben ik serieus begonnen de losse flarden in elkaar te steken.”

JE HEBT HEEL LANG MUZIEK VERKOCHT. WANNEER ZAG JE DE MARKT SUBSTANTIEEL VERANDEREN?
“Ik heb als scholier vanaf 1965 en als professional vanaf 1972 gewerkt als zelfstandig ondernemer. In 2001 verkocht ik mijn zaak aan Van Leest en heb toen vijf jaar als filiaalmanager in Eindhoven en Weert gewerkt, en daarna nog vier jaar op het hoofdkantoor van Van Leest. Ergens schrijf ik in het boek, heel kort door de bocht: ‘Toen de cijfers belangrijker werden dan de noten, liepen de zaken uiterst gecontroleerd naar de kloten’. Natuurlijk zijn er vele oorzaken aan te wijzen, maar in aanpassen aan veranderende omstandigheden was de muziekindustrie niet erg goed. Overigens geloof ik niet dat het vak verdwijnt. Misschien zullen er minder zaken overblijven, maar wanneer die de klant centraal stellen en aan zich blijven binden, blijft er behoefte aan muzikale gidsen.”

HAD JE BIJ HET SCHRIJVEN EEN BEPAALDE DOELGROEP VOOR OGEN?
“Eigenlijk zijn er meerdere doelgroepen. Enerzijds de klanten en de medewerkers voor wie de winkel tientallen jaren hun muzikale huiskamer was. Anderzijds de mensen uit de industrie, de leveranciers, de vertegenwoordigers, de collega’s. Zowel zij die de winkel persoonlijk kenden, als diegenen die dat niet deden. Evenzogoed zal die laatste groep veel herkenbaars tegenkomen. En tot slot iedereen die geïnteresseerd is een kijkje achter de schermen van een klein familiebedrijf. Tot slot raad ik mijn boek aan aan iedereen aan die ‘Free’ van Hans Breukhoven heeft gelezen. Beide boeken, die tegelijkertijd zijn uitgekomen, kennen frappante verschillen én overeenkomsten.”

WAT IS ER ALLEMAAL ANDERS NU, EN WAS HET VROEGER ALLEMAAL BETER?
“Spotify, Bol.com en dergelijke zijn natuurlijk grote concurrenten van de fysieke winkel. Maar bedreigingen zijn er altijd geweest. Al was het in de hoogtijdagen minder zorgelijk dan nu, denk ik. Positief is de hernieuwde belangstelling voor vinyl en het ‘echte luisteren’, met de platenhoes in de hand, zeg maar. Persoonlijk mis ik het promoten van al die prachtige, onbekende muziek in de winkel. Voor veel kopers is er in hun dorp of stad geen muziekwinkel meer.”

IS HET BOEK VOORAL EEN ODE AAN EEN VERVLOGEN TIJD, EEN HISTORISCH DOCUMENT OF EEN AANKLACHT TEGEN DE MODERNE TIJD? OF DAT ALLEMAAL TEZAMEN?
“Het boek is een ode aan de gepassioneerde muziekverkoper, of zoals het op de achterflap staat: ‘een geschiedenis, een analyse en een liefdesverklaring’. De realiteit aanklagen is geen nuttige bezigheid.”

WAAROM MOET DE RETAIL DIT VERKOPEN, EN WAT HOOP JE MET DIT BOEK TEWEEG TE BRENGEN?
“Van vele lezers hoor ik dat het zo herkenbaar is, men ziet zichzelf weer aan de luisterbalie zitten; de liefde voor het vak, de muziek spat van de pagina’s. En – voor de lijstjesfanaten – er staat een Spotify-lijst in met de in mijn ogen belangrijkste platen van 1965-2016, die velen weer aan het terugzoeken van vergeten of onbekende titels zet. Dat levert ruim zeventien uur muziek op, en daar wordt al gretig gebruik van gemaakt. Daarnaast hoop ik dat er veel mensen een paar genoeglijke uurtjes aan beleven en daardoor geïnspireerd weer snel naar de muziekwinkel gaan om iets moois aan te schaffen.” 

Bron: NVER magazine